Tilburg Virtueel

...een periodiek dat permanent verschijnt...

Ulysses - IV

Ulysses - IV

Utrecht Lunetten
19.  49 uur
Aiolos

De trein was dan eindelijk vertrokken. Vanuit hun plaatsen in de Eerste Klas zagen Ulysses en zijn mannen Utrecht aan zich voorbijflitsen.
“We komen hier weg, verdomme!”, zei Bas uitgelaten, “Het is je gelukt, man!” Hij sloeg Ulysses op zijn schouder.
Ulysses kon alleen maar grijnzen, poetste de knoopjes op zijn conducteurspak. “Het was een geslaagde list. Nu zijn we binnen 'no time' thuis. Tot Den Bosch zitten we gebakken, en tegen die tijd zien we wel verder.”
Het was heerlijk om voor het eerst in dagen weer te kunnen ontspannen, om weer op koers te zijn en met rasse schreden hun afstand tot hun thuis te verkleinen. Ulysses waagde het er op om Penny een sms-je te sturen. “Ik ben vanavond in de Philip, dus dan zie ik je daar. 't Wordt aan.”
Leon drukte zijn gezicht tegen het raam toen ze de eerste halte aandeden. “Fuck you, Utrecht Lunetten!”, schreeuwde hij, terwijl de trein weer in beweging kwam.
“Zeg het ze, Leon.”, lachte Bas. Enkele andere Eerste Klas-passagiers keken om, maar zij waren te beschaafd en welopgevoed om er wat van te zeggen. 

Een jubelstemming bleef heersen terwijl ze zich een weg ploegden langs Houten en daarna door Gelderland. Buiten sneeuwde het maar binnen zaten ze warm.
“Dit wordt feesten vanavond”, zei Bas, “Ik geef een rondje als we weer in Tilburg zijn!” Dit voornemen werd met luid gejuich ontvangen.
“Pardon”, zei een oude heer die op een bank achter de hunne zat, “Ik probeer hier eigenlijk iets te lezen. Zou u uw stem wat kunnen dempen?” Hij zwaaide met een boek van Umberto Eco, de snob. Hij voelde zich vast te goed voor Dan Brown en Stieg Larsson! Zijn gezanik werkte als een rode lap op een stier. Ulysses' maten begonnen in koor 'Brabant' te zingen. Bij station Houten verlieten opvallend veel mensen de trein...
“Fuck you, Houten!”, riep Leon, “Wij komen hier nooit meer terug!” Hij hield dit nog enkele stations vol, maar ergens voorbij Geldermalsen besloten wraakzuchtige goden dat het zo genoeg geweest was.
Al op het moment dat de trein vaart begon te minderen wist Ulysses dat het goed mis was, dat er een nieuw obstakel op zijn weg geworpen was, en dat hij weldra al zijn talenten weer zou moeten aanwenden om de reis te kunnen hervatten. Langzaamaan kwam de trein tot stilstand.
“Wat de fuck...”, begon Leon.
Ulysses stond op en trok zijn conducteursjas recht. “Ik ga poolshoogte nemen. Wacht hier.” Nog voor hij het treinstel had verlaten klonk boven hem de stem van de machinist, of de conducteur, of wie het ook was die voor de NS de slechtnieuwsgesprekken deed.
“Beste reizigers, wegens enige problemen met een wisselstoring tussen Geldermalsen en Zaltbommel staan wij even stil. Het is nog niet bekend hoe lang deze storing gaat duren.”
Een woest gejoel klonk uit vrijwel alle coupés. 

“Het is een kleine onderbreking”, hield Bas vol, “Als je eenmaal in de trein zit dan kom je thuis. Ze gaan zo'n trein echt niet omkeren...”
“Tenzij er iemand voor de trein gesprongen is...”, peinsde Tim.
“Als je nú voor de trein springt ben je echt een oetlul”, zei Leon, “Het sneeuwt en is min tachtig man. Bovendien zijn er vertragingen, overal. Dat wéét zo'n zelfmoordenaar toch? Dan stelt hij zijn plan echt wel tot morgen uit.”
Dit nam niet weg dat ze nu al tien minuten stil stonden, en toen het verlossende woord na nog eens vijf minuten dan eindelijk gesproken werd wenste Ulysses dat hij doof was.
“Beste reizigers, het spijt ons, maar... wegens enige problemen door een wisselstoring tussen Geldermalsen en Zaltbommel zal deze trein nu rechtsomkeert maken en terugkeren naar Geldermalsen. Ik herhaal: deze trein kan niet verder rijden vanwege een wisselstoring tussen Geldermalsen en Zaltbommel. Te Geldermalsen zullen wij u verder berichten.”
“Fuck!”, riep Leon, “We waren zo dichtbij! We waren bijna bij Den Bosch, en nu moeten we terug? Dit is belachelijk!”
“Het is allemaal jouw schuld”, beet Bas hem toe, “Jij met je 'Fuck dit' en 'Fuck dat'. Je hebt onze reis gejinxt, man. Arrogante zak!”
Hybris, ja. Ulysses raakte het gevoel dat overmoed hen de das om had gedaan niet kwijtraken. Met lede ogen keek hij toe hoe Geldermalsen dichterbij kwam.